Activiteiten van de kinderen

Welkom bij de St. Willibrordusschool!

De aanpak in de KLEUTERGROEPEN verschilt van die in de andere groepen. Bij de jongste kleuters is er veel aandacht voor het wennen aan het naar school gaan, voor gewoontevorming, regelmaat en spelend leren. Bij de oudste kleuters krijgt de leerkracht wat meer een sturende rol. Vanuit allerlei speelse opdrachten en activiteiten wordt het kind voorbereid op het leren lezen, rekenen en schrijven. De schooldag begint voor de kleuters in de kring en vervolgens wordt er met behulp van de methode ‘KLEUTERPLEIN spelend geleerd, gewerkt aan tafels, in hoeken, in het speellokaal en op het speelplein, meestal gebeurt dit aan de hand van thema’s. Kinderen helpen elkaar daarbij, wat we beschouwen als een positieve noot voor de verdere ontwikkeling. Op het rooster worden verschillende leer- en vormingsgebieden  onderscheiden.

Aandachtspunten zijn:
• taalactiviteiten;
• rekenactiviteiten;
• werken met ontwikkelingsmateriaal;
• bewegingsactiviteiten;
• expressie-activiteiten.

De leer- en vormingsgebieden worden aangeboden vanuit een bepaald dagritme, ter bevordering van zekerheid, duidelijkheid, zelfvertrouwen en  elfstandigheid. In de dagelijkse praktijk in de groep zijn de verschillen tussen de leer- en vormingsgebieden voor de kinderen echter nauwelijks merkbaar. Wie speelt in de poppenhoek is ook bezig met de taalontwikkeling: wie speelt met het lottospel leert ook getallen en wie op een vel papier golven van de zee tekent is bezig met voorbereidend schrijven. Zo komen de meeste vakgebieden in samenhang aan de orde. Er wordt gewerkt met de methode ‘Kleuterplein’.

BASISVAARDIGHEDEN
Onder de basisvaardigheden verstaan we de onderdelen: taal, rekenen, lezen en schrijven.

LEZEN
Het leesonderwijs begint, na een periode van voorbereidend werk in de kleutergroepen, met het aanvankelijk lezen in groep 3. LIJN 3 is een complete taal- leesmethode. Door letters centraal te stellen, leren kinderen vlot letters herkennen en zo nieuwe woorden lezen. Structureel wordt door de leerkracht  getoetst of alle kinderen het proces nog voldoende volgen. Aan het eind van groep 3 hebben veel kinderen het technisch lezen, al dan niet met extra hulp, al redelijk onder de knie. In de hogere leerjaren wordt er steeds meer aandacht besteed aan het begrijpend lezen.

Begrip van gelezen teksten is het uiteindelijke doel van het leesonderwijs. Naast bovengenoemde methode werken we ook met NIEUWSBEGRIP. Via internet worden teksten en opdrachten aangeleverd op verschillende niveaus. Deze methode spreekt de kinderen erg aan, omdat er altijd op actuele onderwerpen ingegaan wordt. Dit is een prettige manier van ‘begrijpend lezen’. Er wordt wekelijks een tekst via Nieuwsbegrip aangeboden. Eén keer per 6 weken oefenen we teksten zoals deze  door Cito Begrijpend Lezen getoetst worden, door middel van Basalt teksten.
Verder maken we gebruik van onderstaande methodes:
ESTAFETTE NIEUW
Groep 4 t/m 6 gebruikt Estafette Nieuw. Dit is de eerste technisch lezen-methode die de nieuwe AVI-normen omarmt met uitdagingen op het juiste niveau. Bovendien is deze methode volledig gebaseerd op het beste van Veilig Leren Lezen. Het resultaat? Nog meer mogelijkheden voor maatwerk. Nog betere aansluiting.
En vooral veel leesplezier van groep 4 t/m 8!
• Volledig AVI-proof.
De eerste en enige leesmethode die volledig afgestemd is op de nieuwe AVI-niveaus
• Sluit naadloos aan op Lijn 3.
Estafette Nieuw is gebaseerd op het beste van de 2e maanversie van Veilig leren lezen
• Geeft prioriteit aan plezier in lezen.
Geen schoolse teksten, maar onder andere: raadsels, gedichten, interviews, dialogen, recepten.
• Doorgaande leerlijn voor groep 4 t/m 8
Niet alleen om de leesvaardigheid te onderhouden, maar ook om de leesontwikkeling voort te zetten.
Het leesonderwijs wordt gecoördineerd door het kernteam lezen onder leiding van de leesspecialist.

LEZEN IS TOP(LIST)
Lezen is Top (LIST) verbetert de leesprestaties en bevordert de leesbeleving van leerlingen in het regulier en speciaal basisonderwijs. Dit initiatief van de Hogeschool Utrecht, met de CED-Groep als mede-uitvoerder, gaat ervan uit dat vrijwel alle kinderen vlot kunnen leren lezen, mits ze voldoende tijd krijgen en de juiste instructie ontvangen. Vloeiend lezen wordt vooral bereikt door veel te lezen. Na een gezamenlijke introductie d.m.v. een minilesje, lezen de kinderen dagelijks minstens 20 minuten uit een zelf gekozen leesboek. Deze methode is voor de kinderen van de groepen (6), 7 en 8.

TAAL
Hiervoor gebruiken we de methode: TAAL OP MAAT
Voor de groepen 4 t/m 8:
• 8 thema’s van 4 weken
• per thema 20 lessen a 45 minuten
• 4 projecten van 1 week
• dagelijkse afwisseling van leerkrachtgestuurde en ‘zelfstandig werken’ lessen.
Taal op maat is ideaal voor combinatiegroepen! De leerlingen passen de geleerde vaardigheden toe bij de opdrachten die leiden tot een creatief, talig eindproduct zoals een boek, folder of hoorspel.
De lesdoelen worden door de jaren heen systematisch opgebouwd tot een doorgaande lijn. De belangrijkste onderdelen spreken, luisteren, woordenschat en taalbeschouwing komen in alle groepen aan bod. Ook stellen en spellen komen uitgebreid aan de orde. Tijdens de lessen is er afwisseling van instructie en zelfstandig werken. Zelfontdekkend leren en het aanleren van strategieën spelen een belangrijke rol.
Dit wordt gegeven wanneer leerlingen uitvallen, meer aan kunnen of verdieping nodig hebben. Taal op maat is volledig afgestemd op de nieuwe referentieniveaus.
Voor het creatieve aspect binnen het taalonderwijs maken we gebruik van de methode “Drama, moet je doen”.
In deze methode is een verantwoorde opbouw voor de groepen 1 t/m 8 waarin alle aspecten aan de orde komen.
Naast de Nederlandse taal is er ook aandacht voor de ENGELSE TAAL
Voor de oefening in die taal werken we in alle groepen (1 t/m 8) vanuit de methode Groove me. De nadruk ligt op de gesproken taal, terwijl ook de woordenkennis en eenvoudige grammatica aan de orde worden gesteld.
Groove.me is een digibord lesmethode Engels voor het basisonderwijs. De eerste complete lesmethode Engels waarbij muziek de basis is van alle lessen. De muziek die gebruikt wordt is ‘echte’ muziek: bekende popsongs en eigentijdse hits in hun oorspronkelijke uitvoering. In de lessen wordt het thema van het liedje gebruikt om leerlingen Engels te leren, daarbij komen alle vaardigheden aan bod.
De lessen beperken zich niet tot alleen de woorden uit het liedje, maar worden uitgebreid met woorden passend bij het thema. Onze taalspecialist coördineert het taalonderwijs.

SCHRIJVEN
Tegelijk met het lezen starten we in groep 3 met het schrijfonderwijs. In de kleutergroepen hebben de kinderen spelenderwijs geleerd wat de juiste manier is om een pen of potlood vast te houden en er zijn allerlei voorbereidende oefeningen gedaan voor de ontwikkeling van de grote en kleine motoriek. We beginnen vanaf groep 3 met het aanleren van een methodisch schrift vanuit de methode 'Klinkers' en ‘PENNENSTREKEN.
In de bovenbouw is ook aandacht voor het schrijven via de eerder genoemde methode (t/m groep 8). Het uiteindelijke doel van het schrijfonderwijs is om een zo goed mogelijk, bij de persoon passend handschrift te ontwikkelen, dat door anderen goed gelezen kan worden. Wij hebben ervoor gekozen om de kinderen van de groepen 3 en 4 met een potlood te laten schrijven; aan het begin van groep 5 blijven de kinderen ook nog met potlood schrijven; medio groep 5 stappen we over op het gebruik de vulpen en in overleg met de leerkracht op het gebruik van de ‘stabilopen’. Deze wordt eenmalig door school verstrekt.

REKENEN
Met betrekking tot het rekenonderwijs vinden er in de kleutergroepen allerlei voorbereidende oefeningen plaats, zoals teloefeningen en het bijbrengen van getalbegrip. In groep 3 en de volgende groepen wordt het begrip steeds verder uitgewerkt. Naast optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen etc. komen ook wiskundige begrippen en bewerkingen aan de orde. Door het oplossen van praktische probleempjes die ze in het dagelijks leven tegenkomen, komen de kinderen tot inzicht. Dit gebeurt vanuit de methode: WERELD IN GETALLEN. In deze methode wordt er extra aandacht besteed aan de zwakke rekenaars.
Onze rekenspecialist coördineert het rekenonderwijs.

WERELDORIËNTATIE
De wereld oriënterende vakken: aardrijkskunde, geschiedenis, natuuronderwijs, maatschappelijke verhoudingen, geestelijke stromingen, bevordering gezond gedrag en sociale vaardigheden (waaronder verkeer) worden op school apart aangeboden. Dikwijls zijn er raakvlakken. Tot en met groep 4 wordt veelal aangesloten bij de belevingswereld van de kinderen. Daarna werken we steeds meer vanuit methodes, waarbij de inbreng van de kinderen uiteraard belangrijk blijft.
We gebruiken de volgende methodes:
• GESCHIEDENIS: Argus Clou Geschiedenis.
• AARDRIJKSKUNDE: Argus Clou Aardrijkskunde.
• NATUUR EN TECHNIEK : Argus Clou Natuur en Techniek.
Deze drie methodes hebben dezelfde organisatie en opbouw.

• VERKEER: Op Voeten En Fietsen/Jeugdverkeerskrant, Verkeerskunsten ,ANWB Streetwise.
Voor de overige vak onderdelen wordt gebruik gemaakt van thema’s uit de actualiteit. School-T.V.-uitzendingen worden regelmatig ingepast en ook de genoemde methodes bieden veel gespreksstof. Voor verkeer zijn de lessen met de jonge kinderen vooral praktisch. Het gaat dan vooral over het gedrag en actuele zaken.
Voor de groepen 5 en 6 is de school geabonneerd op ‘Op Voeten En Fietsen’ en de groepen 7 en 8 op de ‘Jeugdverkeerskrant’, beiden uitgegeven door 3VO.
‘ANWB Streetwise’: de school heeft een afspraak met de ANWB gemaakt, waardoor de ANWB eens per jaar (in de groepen 1-2, 3, 5 en 7) een zgn. praktijkles over een onderdeel van het verkeer zal verzorgen.
Ook maken we gebruik van de methode ‘Verkeerskunsten’.

Verkeerskunsten in een complete doorgaande leerlijn voor de praktische verkeers- lessen voor groep 1 tot en met 8 en maakt het mogelijk, dat leerkrachten samen met enkele hulpouders – en eventueel na de instructie door een verkeersleer- kracht- dit belangrijke onderdeel van verkeerseducatie uitvoeren. Hiervoor wordt ons schoolplein enkele keren per jaar omgetoverd tot een Verkeersplein.

WETENSCHAP EN TECHNIEK
Sinds enkele jaren hebben wetenschap en techniek (W&T) een vaste plaats gekregen binnen de St.Willibrordusschool. Naast het feit dat wetenschap en techniek steeds meer een rol gaan spelen binnen het basisonderwijs, is het belangrijk om onze leerlingen de diversiteit binnen dit vakgebied te laten ervaren. We streven hierbij naar oplossingsgericht werken. Het zelf ontdekken om tot een oplossing te komen is hierbij het uitgangspunt.

EXPRESSIEVE VAARDIHEDEN
Deze activiteiten komen regelmatig aan bod en worden dan ook niet beschouwd als ‘toegift’. Voor de handvaardigheids- en tekenlessen zijn ‘ruime’ programma’s en leerlijnen vastgesteld en worden diverse materialen aangewend. Bij muziek staat ‘het lied’ centraal. Het gebruik van instrumenten wordt gestimuleerd en bij festiviteiten zijn kinderen regelmatig actief. Spel, drama en dans maken onderdeel uit van het onderwijs en worden, waar mogelijk, ingepast in activiteiten zoals de schoolfeesten, de kerstmusical, sinterklaas, verjaardagen en het schoolkamp.
Sinds enkele jaren werken we voor de vakken drama en muziek volgens de methode ‘Moet je doen’. Met deze methode is er een verantwoorde opbouw voor de groepen 1 t/m 8. Alle aspecten van drama en muziek komen in deze methode aan bod. Onze creativiteitsspecialist coördineert deze vakken.

De 123ZING muziekmethode biedt een doorlopende lijn voor groep 1 t/m 8. Alle domeinen van muziek komen aan bod: zingen, muziek maken, luisteren, bewegen en het noteren en lezen van muziek. Per schooljaar biedt de methode 5 thema’s in een periode van 6 à 7 weken. 123ZING werkt samen met Het Koninklijk Concert- gebouw en combineert jarenlange ervaring in muziekdidactiek met expertise en educatieve multimediale toepassingen.

GODSDIENSTIGE VORMING
Aan alle groepen wordt catechese lessen gegeven. De ervaringscatechese neemt een belangrijke plaats in terwijl er ook, vooral in de bovenbouw, wordt gesproken over de inhoudelijke waarden en kennis van de katholieke godsdienst. Dit gebeurt aan de hand van de methode ‘TREFWOORD maar er is ook een duidelijke aansluiting bij de indeling van het kerkelijk jaar. De kerkelijke feestdagen krijgen daardoor de nodige aandacht. Ook diverse andere geestelijke stromingen krijgen de nodige aandacht tegen de achtergrond van onze multiculturele samenleving. Via een integrale aanpak uit de verschillende vakgebieden vinden we het belangrijk dat kinderen door deze aandacht begrip krijgen voor andere culturen.

BEWEGINGSONDERWIJS
In de kleutergroepen staat het bewegingsonderwijs dagelijks op het rooster. Vanaf groep 3 krijgen de kinderen 2 maal per week gymles in de gymzaal aan het Dorpsplein. Vanuit een vastgesteld rooster is er aandacht voor zowel spel als turn- en bewegingsonderdelen. We gaan er van uit dat kinderen gymmen in gepaste kleding en ook het gebruik van gymschoenen is een regel. Omdat het halen van een zwemdiploma in eerste instantie een verantwoordelijkheid van de ouders is, wordt het schoolzwemmen niet meer gesubsidieerd. Voor kinderen die hierdoor buiten de boot dreigen te vallen, is een vangnetregeling (eind groep 5) in het leven geroepen. De ouders kunnen hierover contact opnemen met de directie.
We werken mert de methode ‘Basislessen’. Hierin worden alle onderdelen van spel- tot turnactiviteiten aangeboden.

CULTUUREDUCATIE
Cultuur is een ruim begrip: alles wat door menselijk handelen is gemaakt. Onder cultuureducatie verstaan we het inzetten van de kunst en het cultureel erfgoed als doel of middel om leerlingen actief met cultuur in aanraking te brengen. Tot de kunst rekenen wij alle uitingen op het gebied van literatuur, beeldende kunst, muziek, drama en media-educatie. Het gaat bij kunstzinnige oriëntatie ook om het verwerven van enige kennis van de hedendaagse kunstzinnige en culturele diversiteit. Een aantal kerndoelen van het basisonderwijs hebben betrekking op cultuur-educatie:
• de leerlingen leren beelden, taal, muziek, spel en beweging te gebruiken om er gevoelens en ervaringen mee uit te drukken en om er mee te communiceren;
• de leerlingen leren op het eigen werk en dat van anderen te reflecteren;
• de leerlingen verwerven enige kennis over en krijgen waardering voor aspecten van het cultureel erfgoed;
• de leerlingen maken kennis met een breed palet aan kunst- en cultuuruitingen;
• de leerlingen leren hun eigen ideeën, beleving, belevenissen, waarnemingen en gevoelens vorm te geven, in woord, beeld, spel en/of dans in voor henzelf en anderen begrijpelijke en aantrekkelijke vorm;
• de leerlingen krijgen de ruimte om zich individueel te ontwikkelen: ze leren betekenis te geven aan cultuuruitingen op een persoonlijke manier.
De cultuurcoördinatoren maken n.a.v. de wensen, samen met de werkgroep een cultureel jaarprogramma. Dit wordt jaarlijks gedaan aan de hand van verschillende kunstdisciplines. Daarnaast werken we ook samen met diverse scholen uit de “regio Valburg”.
 
terug
of klik naast het tekstvenster

Delen: